Een kenmerk kan tientallen waarden hebben. Met een maximum laat je die tot een handzaam aantal labels terugbrengen, en dan worden waarden bij elkaar gezet.
Waar je het instelt
Op twee plekken:
Voor alle kenmerken tegelijk, in stap Kiezen en in stap Bijschaven. Er staat dan bijvoorbeeld dat alle kenmerken tot een aantal labels worden beperkt, of dat er geen maximum is.
Per kenmerk, in stap Bijschaven. Dat overschrijft het algemene maximum voor dat ene kenmerk.
Bij het maximum staat wat het oplevert, bijvoorbeeld hoeveel waarden tot hoeveel labels worden samengevoegd.
Hoe waarden worden samengevoegd
Bij een kenmerk met getallen, waar de waarden een volgorde hebben, worden aaneensluitende waarden bij elkaar gezet. Bij een maximum van zeven op een kenmerk met 34 waarden krijg je dus zeven klassen die op elkaar aansluiten, plus een label voor de producten waar niets is opgegeven.
Bij een kenmerk zonder volgorde, zoals kleur, komen de minst voorkomende waarden samen in één label. De naam daarvan kun je zelf zetten, bijvoorbeeld Overig.
Wat een bruikbaar aantal is
Dat hangt af van hoeveel producten je hebt. Twee dingen om tegen elkaar af te wegen:
Bij weinig labels heb je grotere groepen en verlies je onderscheid. Bij twee labels kun je alleen nog wel en niet vergelijken.
Bij veel labels heb je kleine groepen. Bij één product per label vergelijk je losse producten en niet groepen, en daar is een segment niet voor bedoeld.
Je ziet per label hoeveel producten het heeft, dus je kunt het maximum bijstellen tot de verdeling staat.
Goed om te weten
Wat je met een maximum instelt is een voorstel dat je daarna nog met de hand kunt bijwerken. Bevalt de automatische indeling niet, dan splits je een samengevoegd label en zet je de waarden zelf bij elkaar. Zie Labelwaardes samenvoegen en splitsen.