De cohortontwikkeling kun je op drie manieren weergeven. Het is dezelfde data, maar elke weergave beantwoordt een andere vraag.
Lijn
De absolute cijfers per maand vanaf de start. Dit is de weergave voor de vraag wat een nieuw product in deze markt in zijn eerste maanden doet. Je leest er concrete aantallen of bedragen uit.
Aandeel
Per maand wordt de verhouding tussen de cohorten getoond, en die telt samen op tot 100 procent. Zie je in de eerste maand een groter aandeel voor een ouder cohort, dan deed dat cohort het op dat punt in zijn leven beter dan het nieuwere.
Dit is dus de weergave voor de vraag of het moeilijker of makkelijker is geworden. Welk cohort hoger staat, geeft dat direct aan.
Groei
Een cumulatieve weergave: de cijfers tellen op en het eindpunt is altijd 100 procent. Hiermee zie je niet hoeveel er is verkocht, maar hoe snel het is opgebouwd.
Dat legt iets bloot wat je in de andere weergaven mist, namelijk het tempo. Een cohort kan langzaam beginnen en aan het eind een sprint maken. In de lijnweergave zie je dat wel, maar in de groeiweergave staat de vorm van die opbouw centraal.
Welke je wanneer gebruikt
Wat kan ik verwachten in absolute cijfers: lijn.
Is het moeilijker geworden om binnen te komen: aandeel.
Hoe snel bouwt het op, en waar zit de versnelling: groei.
Goed om te weten
Bij de reviews is de weergave per score de meest bruikbare toevoeging. Zie je dat het steeds langer duurt voordat producten aan een aantal reviews komen, dan wordt geloofwaardigheid opbouwen in deze markt zwaarder. Dat werkt door in je conversie en dus in alle andere cijfers.