Goedkope producten verkopen per maand meer stuks dan dure. Dat cijfer heb je nodig om van maanden voorraad naar aantallen stuks te komen.
De orde van grootte
Gemiddeld over producten die draaien:
Prijsklasse | Stuks per maand |
heel goedkoop | rond de 56 |
boven de 100 euro | rond de 6 |
Een goedlopend product in de dure klasse haalt niet de gemiddelde snelheid van een goedkoop product. Dat verschil is groot en het is structureel.
Wat dat met je voorraad doet
Bij een goedkoop product dat loopt kun je sneller dan verwacht droog staan, en dan wil je een ruimere buffer. Bij een duur product gaat het langzamer, en heb je aan een kleinere buffer genoeg, al koop je er ook minder stuks van in. Die twee compenseren elkaar deels.
De beslisregel
Reken je voorraadbehoefte in maanden en zet die met dit cijfer om naar stuks. Vier maanden is dan grofweg 220 stuks bij een goedkoop product en rond de 25 bij een duur. Zie Hoeveel voorraad je in de eerste ronde aanhoudt.
Wanneer dat niet opgaat
Bij een nieuw product. Dit zijn gemiddelden van producten die al lopen, met een positie en reviews. In je eerste weken verkoop je minder, dus gebruik dit voor de orde van grootte en niet als prognose. Wat je in een bepaalde periode realistisch kunt halen, meet je in de doelanalyse. Zie De doelanalyse op afzet.
Wat je daarna doet
Het aantal stuks naast je budget en de minimale bestelhoeveelheid leggen.
Goed om te weten
Een prijsklasse met een hoge omloopsnelheid is niet automatisch de betere keuze: daar staan vaak ook meer aanbieders, en de klikprijs bij het adverteren weegt relatief zwaarder.
Waar je hier meer over leert
In de kennisbank, reeks Van productidee tot verkoop, onderdeel Marktonderzoek. Daar hoort dit bij de voorbereiding, met de volledige uitleg in beeld.