De minimale bestelhoeveelheid bepaalt of je met deze partij kunt beginnen. Bij een testorder is dat vaak zwaarder dan de prijs.
Wat je vergelijkt
Het aantal dat zij minimaal willen, naast het aantal dat in jouw budget past. Dat laatste getal komt uit je productonderzoek. Zie Hoeveel stuks je met je budget kunt inkopen en Wat een leverancier minimaal wil dat je bestelt, beide in de collectie over productonderzoek.
De beslisregel
Past het minimum niet in je budget, dan valt de partij af, ook als de prijs de beste is. Een prijs die je niet kunt afnemen, is geen prijs.
Waarom je er niet op onderhandelt bij een eerste order
Omdat het minimum meestal geen keuze van de leverancier is maar van zijn toeleverancier. Zie Wanneer je direct met een fabriek werkt. Bij een tweede of derde order, als er een relatie staat, wordt het wel bespreekbaar. Zie Onderhandelen met een leverancier die je al kent.
Wat je wel kunt doen
Een hogere prijs accepteren voor een lager aantal. Dat is een normale ruil en vaak het echte gesprek bij een testorder.
De variant aanpassen. De basisvariant heeft soms een lager minimum dan de uitvoering met aanpassingen.
Naar een handelsbedrijf gaan. Dat is precies waar hun waarde zit. Zie Wanneer een handelsbedrijf de betere keuze is.
Wanneer een hoog minimum geen probleem is
Als je het product al hebt getest en gaat opschalen. Dan is een hoger minimum met een lagere staffelprijs juist wat je zoekt.
Wat je erbij vraagt
De staffels. Een minimum van driehonderd met een prijs die bij duizend stuks een derde lager ligt, is informatie die je bij je tweede order nodig hebt.
Goed om te weten
Reken het minimum om naar geld voordat je het beoordeelt. Vijfhonderd stuks van veertig dollar is twintigduizend dollar aan voorraad, en dat is een ander gesprek dan een aantal op papier.
Waar je hier meer over leert
In de kennisbank, reeks Van productidee tot verkoop, onderdeel Sourcing. Daar legt onze sourcingpartner dit uit, met voorbeelden uit de praktijk.